EEN KEURING MET DUBBELE GEVOELENS!
De hengstenkeuring 2004 was voor ons dit jaar een evenement met dubbele gevoelens. Nog nooit keken we zo uit naar de hengstenkeuring als dit jaar. Wat was er namelijk aan de hand? Nou, dat zal ik u dan maar vertellen!
Het begon eigenlijk al een jaar eerder, in oktober om precies te zijn, toen de 2 ½ jarige Welsh B-hengsten in opfok uit de hengstenweide De Wildwallen te Lelystad eervol ontslag kregen, met de mededeling dat het gebeurt was met hun vrije losbandige leven en dat nu het échte leven begon. Voor de één betekende dat klaar gemaakt worden voor de hengstenkeuring en voor de ander misschien wel een carriére in de sport. En zo verging het ook onze zelfgefokte hengst Ronnieboy. Na 3 seizoenen hengstenweide, werd hij door ons gewogen en te licht bevonden voor de hengstenkeuring en omdat hij nu eenmaal eigendom was van niet alleen fokkers, maar ook van een stel fanatieke aangespannen rijders, was de keus snel gemaakt en restte hem dus een carriére in de mensport. Dat wil in ons geval zeggen, aanrijden en verkopen aan een mensportliefhebber. Aangezien we elk jaar wel een spannetje aan rijden , weten we uit ervaring dat er best animo is voor een jong aangereden span.
Toen we hem thuis uitgeladen hadden en in zijn box gezet hadden, kreeg hij slechts een uurtje gewenningspauze, want we konden het niet langer aanzien. Een pony op stal die er zo verwildwalderd uitzag, dat hoorde niet bij ons.
Dus alle registers werden open getrokken en na een flinke toiletteerbeurt kende de pony zichzelf niet meer terug, want toen we langs de wasbak met spiegel liepen begon hij spontaan te hinneken tegen zijn spiegelbeeld. We glommen van trots en constateerden dat hij al wel voor 5 stuivers opgeknapt was. Onze Ronnieboy mocht er zijn! De prachtige donkere koffievoskleur erfde hij van zijn beide ouders. Zijn vader is namelijk Warmwell Pageboy en zijn moeder onze fok-en stermerrie Lindehoeve’s Danique V.Linksbury Celebration . Ook een blesje en een aantal witte voetjes waren hem niet onthouden. Dus we waren best tevreden.Maar om hem voor de wagen klaar te maken, had Ronnieboy echter nog iets “te weinig” én iets “te veel”. Wat hij “ te weinig” had was een spangenoot en wat hij “ te veel” had waren 2 knikkers.
Nou, daar kon natuurlijk wel wat aan gedaan worden. We begonnen met het “te weinig’.
We kunnen u wel vertellen dat ons dat eigenlijk in de schoot geworpen werd. Onze plaatsgenoot en tevens welsh-B hengstenhouder Jan Flier, kwam een paar dagen later al eens nieuwsgierig kijken naar onze nieuwe stalbewoner en liet ons tussen neus en lippen door weten, dat één van zijn hengsten er best eens naast zou kunnen passen. Ook een donkere 2 ½ jarige koffievos ,natuurlijk van Caspershof Freddy, (want daar grossiert Jan in )en met als moeder Gelpenhof 's Mirka ,ook met witte voetjes en een blesje, had al eens voor de kar gelopen en bovendien wou hij hem wel verkopen.
Nou, aangezien Jan op nog geen 2 kilometer bij ons vandaan woont , besloten we om direct maar met hem mee te gaan en de beslissing was dan ook al snel genomen.
Het “te weinig” was dus heel snel opgelost, maar het “ teveel” was echter verdubbeld!
In plaats van 2 knikkers hadden we nu 4. Maar ook hier werd een oplossing voor gevonden. Na een voorspoedig genezing vonden we dat het nu maar eens moest gebeuren.
Maar eerst moesten de heren voorzien worden van het benodigde ijzermateriaal. Dat was geen probleem, want aangezien we nog voor ons zelf een vierspan welsh A-pony’s uitbrachten in de sport, hadden we inmiddels wel geleerd dat we de duurste kostenpost moesten reduceren. Dus na het volgen van een Hoefbeslagcursus besloeg en bekapte mijn echtgenoot Henk , zijn pony’s zelf alsof het een lieve lust was. En ook in dit geval geldt, oefening baart kunst ! Het gaat hem inmiddels goed af, al hoewel hij veelvuldig beweerd ,dat het nooit zijn hobby zal worden.
Nadat de beide pony’s voorzien waren van hoefijzers, moest één van onze vierspan A pony’s er aan geloven. De keus was snel gemaakt , want het waren toch allemaal merries en we kozen Heidi ,de grootste en tevens meest geschikte pony eruit en zetten er één van de “groene” pony’s naast, voor de wagen. Het was voor beiden even wennen. De ruinen dachten even dat ze nog hengst waren, maar zoals gebruikelijk wist de dame hen al gauw tot orde te roepen en zorgde er voor dat ze met het hoofd hij bij de les bleven. Beide pony’s waren zo onder de indruk van dat chique parmantige zwarte dametje naast zich, dat ze al weer op stal stonden voor dat ze het in de gaten hadden en dat terwijl ze black toch zo beautiful vonden. Ja, onze Heidi was een prima afleiding voor de jongens en ik denk dat ze na een poosje al gewoon dagelijks naar haar uitkeken, want als Heidi de loods binnen kwam, begonnen ze haar al te begroeten en ijsbeerden onrustig heen en weer in de stal.
Maar helaas, aan alle goeie dingen komt een eind en het werd na zo’n keer of wat voor de wagen tijd voor een nieuwe oefening. Heidi bleef op stal en nu moesten ze maar eens samen voor de wagen. Ook dat verliep zeer voorspoedig. Na een aantal weken begon het span zo goed te lopen, dat Henk op een avond zei “ Ja, het gaat zo fantastisch, eigenlijk kunnen ze al wel weg”. Dat moest ik wel beamen. “Het is een prachtig spannetje”, zei ik “en bovendien kunnen ze goed lopen, die zijn we zo kwijt”.
“Ze zijn mooi geworden” zei Henk “ze zijn gegroeid, het lijkt we of ze steeds bespierder worden“. “Ja” zei ik “ik zou ze over een jaar wel eens weer willen zien. Dan zijn nog meer uitgezwaard”. En zo samen mijmerend op de marathonwagen, wisten we dat we het helemaal eens waren met elkaar, dit was heel een mooi en makkelijk span welsh B-pony’s. “Zet ze vanavond maar op internet” zei Henk. Zo gezegd, zo gedaan.
Die nacht sliep Henk erg onrustig en ook ik draaide alle kanten op. Ook de daar op volgende dagen bleef er een onbestemd gevoel, zich van ons meester maken. Er was iets wat bij mij gemengde gevoelens teweeg bracht. Ik wist dat Henk zich al eens had laten ontvallen, dat hij graag met een nieuw vierspan grotere pony’s zou willen starten. Maar híj wist dat ík zeer gehecht was aan de A-tjes en speciaal aan Heidi die inmiddels al 10 jaar bij ons was en door ons zelf gefokt is. Ondertussen begonnen de eerste aspirant kopers te bellen. Ik voelde dat Henk steeds onrustiger werd. Ik zuchtte maar eens diep en zei: “Zeg het maar Henk, wat is er loos”. Ook hij zuchtte en zei” ja als ik heel eerlijk ben……. “. “ Dan wil je de koffievossen graag zelf houden om een nieuw vierspan te maken”zei ik. Hij keek me verbaasd en tegelijkertijd opgelucht aan en zei “Hoe weet jij dat nou”? “Dat voelde ik al wel aan” zei ik” ik zit er ook al een paar dagen over na te denken, maar het geeft me zulke gemengde gevoelens. Aan de ene kant een nieuwe uitdaging en aan de andere kant een afscheid”. “Heidi blijft natuurlijk” zei Henk. “Dat zou ik voor mezelf heel graag willen zei ik,”maar ik heb er over nagedacht , ik mag niet egoistisch zijn, daarom ben ik tot de conclusie gekomen dat dit voor Heidi niet de juiste beslissing is. Het is een fijne ervaren sportpony, zowel onder het zadel, als aangespannen, ze kan nog jaren mee”. En terwijl ik eerst even moest slikken, zei ik “ Als ze gaan , dan gaan ze alle vier”. En zo was de kogel door de kerk !
Voor de zwarte A-tjes bleek ontzettend veel animo te zijn. Binnen 14 dagen waren we ze alle vier kwijt. Zelfs vanuit Duitsland was er serieuze belangstelling, maar daar hadden we geen goed gevoel bij. Toen de desbetreffende “herr” voor de 2e keer belde en met gebiedende stem vroeg om een afspraak, schrok ik zo , dat ik van schrik jokte en zei “Wir haben alle verkauft” ! Het enige wat hij zei was:”Schade”, en toen hoorde ik alleen nog maar ,tuut,tuut,tuut …. Ik dacht, nou de groeten van Ruud…… Nee, ze zijn in Nederland gebleven en allemaal prima terecht gekomen. Ik heb er tenminste een goed gevoel bij, want de nieuwe eigenaren hebben ons al reeds telefonisch gemeld dat ze ontzettend veel plezier van ze hebben.
Inmiddels was het januari en we speurden de Paardenkrant en het internet van voor naar achter af naar Welsh B koffievosjes van zo’n 1.30 m. We reisden letterlijk van Groningen naar Brabant, maar vonden niet iets naar ons zin. Ook belden we diverse welsh-B fokkers op , maar zonder resultaat. Al hoewel we wel ontdekten dat er een aantal koffievosjes hun opwachting zouden maken op de hengstenkeuring. Henk had zijn keus al bepaald. Er zouden namelijk twee “bekenden” komen. Allebei zonen van Warmwell Pageboy. De ene hengst Hofstee’s Gigant was namelijk samen met onze Ronnieboy opgegroeid in de hengstenweide en de andere hengst Speedy hadden we bij Harold Zoet gezien op de afstammelingen keuring van pa.
Gigant was op dat moment eigendom van combinatie Zoet/Verbaas en Speedy van combinatie Rozema/Mazeland. Beide pony waren wat ons betreft een lust voor het oog, maar ik vond het wel erg hoog gegrepen van Henk. “Die krijg je toch niet in de vingers” zei ik,” want één van beiden wordt vast wel goedgekeurd”. Maar Henk bleef optimistisch.
Nog nooit keken we zo uit naar de hengstenkeuring als dit jaar en eindelijk is het dan 30 januari en zien we beide hengsten in de ring. Als B-fokker keek ik met gemengde gevoelens naar de beide hengsten. Aan de ene kant deelde ik met Henk het verlangen om ze in ons span te hebben en aan de andere kant werd mijn oog gestreeld door een paar pracht exemplaren, die absoluut niet zouden misstaan in de goedgekeurde hengstenstapel van de B-fokkerij.
Speedy straalde zoveel wakkerheid, zelfvertrouwen en ras uit en kon bovendien zo goed bewegen, dat ik haast niet kon geloven dat deze hengst niet goedgekeurd zou worden. Ook Gigant kreeg vanaf de zijlijn alle lof toegezwaaid en waar we aan de ene kant al bang voor waren ,gebeurt, beide hengsten gaan door naar de 2e bezichtiging. Henk was duidelijk wat teleurgesteld, nu zouden we nog een dag langer in spanning moeten zitten. Maar tegen het eind van de dag keert voor ons het tij , als blijkt dat Speedy er veterinair niet door komt. Hij had zichzelf waarschijnlijk bezeerd in de trailer of in de box. De dierenarts ontdekte een vochtplekje aan zijn achterbeen . Jammer , dachten we, maar daar kan hij bij ons wel mee lopen. We kochten hem ter plekke van de huidige eigenaren. Omdat Speedy zijn opwachting moest maken in de Welsh Elitesail , moest hij ’s avonds voor de vorm nog in de ring verschijnen, maar we hadden de afspraak dat de eigenaren ,ongeacht de opbrengst , altijd het hoogste bod moesten doen , om hem zo voor ons terug te kopen. En aldus geschiedde.
Dat betekende op vrijdagavond toch nog 1 koffievoshengst voor ons vierspan mee naar IJsselmuiden. Nu de 2e nog.
Hofstee’s Gigant verscheen zaterdags opnieuw in de ring. Gigant bleef maar lopen. Ondertussen begrepen we van verschillende B-mensen dat er van diverse kanten belangstelling was voor deze hengst . Er waren speciaal Hongaren naar Nederland gekomen, die vooraf al een videofilm van de pony bekeken hadden. Henk hoorde dat ook en werd al een beetje wit om de neus. Vol spanning keken we naar DE MAN MET DE HOED . En eindelijk, ja hoor, ook Gigant moest het strijdtoneel verlaten. We hadden zelfs geen tijd om te kijken naar het naar alle waarschijnlijkheid teleurgestelde gezicht van onze zorgzame “weidemeester” dhr.Hof , fokker van deze hengst. Henk ging als een speer naar eigenaar Harold Zoet, terwijl de Hongaren de voorbrenger (dat handige jong van Verbaas) belaagden, die , hoe kan het ook anders,duidelijk geen kaas gegeten had van de hongaarse taal en met handen en voeten probeerde hij ze richting Harold Zoet te gebaren, die inmiddels al met Henk tot zaken gekomen was . Hun teleurgestelde gezichten staken op dat moment wel heel erg af tegen het van oor tot oor glimmende gezicht van Henk. En zo ging ook deze koffievos mee naar Stal Warmtebron in IJsselmuiden. Henk zag zijn vierspan in gedachten al voor zich. Maar dat er nog heel veel oefening en geduld aan vooraf moest gaan dat beseften ook hij wel. Eerst in 2-span ,langzaam opbouwend en als het goed gaat, niet te veel vragen want ze zijn nog jong , maar wel consequent om de dag ervoor en daarna in vierspan . Op Koninginnedag was het dan zover. Voor het eerst liepen op deze feestdag de vier 3-jarige koffievossen gebroederlijk in vierspan voor de wagen. Rechtsachter loopt Valentino V.Casperhof's Freddy. Hij is daar precies op zijn plaats, brute kracht zelf. Naast hem loopt Speedy V.Warmwell Pageboy , een echte showbink , een kwajongen van de bovenste plank, waar we ronduit het meeste werk mee gehad hebben voordat we hem “eronder” hadden, maar dat straalde hij ook wel uit, dus we hadden niet anders verwacht. Nu hij zich eenmaal over gegeven heeft , gaat hij er ook voor de volle 100% voor. Het voorspan ,ook beiden Pageboy's , lijkt wel voor elkaar geboren. Twee dezelfde brave pony's, waar de ontspanning gewoon vanaf straalt. Ze hebben echt plezier in het werk.
Rechts voor loopt Hofstee's Gigant met zijn voor ieder herkenbare bruine vlek in de bles. Altijd rustig en bedaard en elke nieuwigheid vlot oppakkend.
Links voor , in een vierspan eigenlijk de meest belangrijke plaats, loopt Ronnieboy alsof hij het al jaren doet. Hij is de wegwijzer,de spoorzoeker, heel oplettend en soms even bij rare dingen steun zoekend bij zijn maatje, die toch nergens koud of warm van wordt.
We zijn er ons terdege van bewust dat we het heel erg getroffen hebben met deze pony's, want voor hetzelfde geld zit er een “verkeerde” tussen. We weten ook dat we nog rustig aan moeten doen met dit vierspan 3 jarige B-pony's. Voordat ze zo ervaren zijn als ons "oude"vierspan hebben ze nog wel 1000 vlieguren te gaan. Maar deze uitdaging geeft alleen maar voldoening, elke keer als we gereden hebben. Nu rest ons opnieuw een uitdaging .
We moeten ze in augustus zo ver vertrouwd hebben dat ze onze zoon en schoondochter in spé naar het stadhuis kunnen brengen. Natuurlijk moeten we hiervoor nog veel oefenen, want over de IJsselbrug met een val , waar 16 klepperende hoefijzers wel erg veel lawaai geven, dat hebben we nog niet gedaan en ook door de winkelstraat zijn ze nog niet in vierspan geweest. Maar ook dat zal wel goed komen. Wij hebben in ieder geval in dit brave span pony's voor de toekomst alle vertrouwen.
Tineke van der Weerd
|